Elk weekend schrijft Joël De Ceulaer een boze, bezorgde of blije brief aan de (m/v/x) van de week.


Top


Uitkijkpost 26 januari 2019

Lieve Anna-Maria, het is jammer dat Theo Francken niets meer te zeggen heeft. Een envelop vol centjes had wonderen kunnen doen.


Joël De Ceulaer - De Morgen


Dag lieve Anna-Maria,


Jij bent de eerste Bekende Vlaming aan wie ik op deze plek een brief schrijf. Dat vind je misschien een beetje raar, en dat is het ook. Normaal gesproken ga ik hier politici, tv-vedetten en andere moderne helden uitlachen of anderszins onheus bejegenen. Soms zal ik stout en scherp moeten zijn. Zo had ik het nu kunnen hebben over de schijnheiligheid van de N-VA, die van een jood uitspraken over homoseksualiteit aanvaardt waar ze een moslim voor zou afmaken. Of over het programma van Groen, dat een paar dogma's over mens en milieu in de houtkachel moet steken. Of over de doldwaze bochten die sp.a maakt in het migratiedebat, waardoor ze straks meer medelijden dan kiezers krijgt.


Maar toen ik dinsdag jouw foto in de krant zag, met die mooie verjaardagshoed, en las wat jou is overkomen, brak mijn hart en voelde ik al die voorspelbare en vervelende verontwaardiging terstond verdampen. Ik wist meteen dat ik de rest van de week alleen maar aan jou zou kunnen denken. En dat was ook zo. Soms gebeurt dat nu eenmaal, dat het lot van de wereld zich openbaart in de ogen van een meisje van acht.


Ik ken jou niet persoonlijk, maar je leefwereld toch een beetje. Ik heb een dochter van tien en jij bent nu acht. Zij zit in het vijfde leerjaar, jij zit in het tweede. Of liever: jij zát in het tweede leerjaar, want momenteel zit jij achter slot en grendel. In een gevangenis, in Steenokkerzeel. Samen met je ouders en je zusje van twee.


Je zult nogal geschrokken zijn toen de politie jullie kwam oppakken. Het was 8 januari, één dag voor je verjaardag, alles lag klaar voor de feestjes, thuis en in de klas. Maar daar heeft de overheid een stokje voor gestoken. Jullie moeten weg, hopla, naar Armenië, waar je ouders tien jaar geleden zijn gevlucht, op zoek naar een beter leven.


Voor jou moet dat verbijsterend zijn, want jij bent nog nooit in Armenië geweest. Je bent hier geboren en getogen, jij hoort er he-le-maal bij. Net zoals pakweg Maggie De Block en ik. Toch moet je weg. Van de rauwe cultuurschok die jij zult ondergaan, ligt geen enkele politicus wakker - terwijl de modale Vlaming al een cultuurschok ondergaat als hij van de ene kant van de kerktoren naar de andere kant moet verhuizen.


Het systeem kent geen genade, ook niet als het faalt: je ouders hebben jarenlang moeten wachten op de boodschap of ze mochten blijven of niet. En volgens jullie advocaat heeft de overheid nog andere steken laten vallen. En nu zit jij daar. Te wachten op deportatie.


Je moet weten, Anna-Maria, dat de mensen die het hier voor het zeggen hebben, niet van vreemdelingen houden. Toen een Koerdisch meisje van twee werd doodgeschoten, was dat volgens de machtigste man van het land de verantwoordelijkheid van haar ouders. En dan te bedenken dat die machtige man al begint te wenen als hij een beetje kritiek krijgt - als achtjarige in de gevangenis, dat zou hij niet eens overleefd hebben. En Maggie De Block, dat is de minister die jullie lot nu in handen heeft, is ooit de populairste van het land geworden nadat ze een perfect geïntegreerde jongeman naar Afghanistan had laten afvoeren. Was het daar oorlog? Ach, zei ze toen, hier is het soms ook onveilig.


Je bent nog te jong om te weten wat ideologie is. Maar het zit zo. De bazen van het land zijn liberalen en christendemocraten. Voor een liberaal is het individu dé grote prioriteit - toch als het een wit, Vlaams individu is. Christendemocraten proberen in de sporen van Jezus te treden, door niet met abstracte principes te werken, maar altijd met mensen van vlees en bloed - personalisme, noemen ze dat met een geleerd woord.


Helaas leven deze mensen niet volgens hun waarden. Ze zijn laf. Zoals kinderen op de speelplaats die weglopen als iemand gepest wordt. De minister zou nu het lef moeten hebben om jou in de ogen te kijken en uit te leggen waarom jij weg moet. En opgesloten wordt. Want! Dat! Mag! Niet! Een uitwijzingsbevel negeren mag niet, dat hebben je ouders één keer gedaan, een paar jaar geleden. Maar kinderen opsluiten mag ook niet. Welkom in Vlaanderen. Waar de sterke meer mag dan de zwakke.


Ik hoop dat je nog een kans maakt, Anna-Maria. En dat ten minste één politicus de moed heeft om het debat over een kinderpardon te openen, dat nu in Nederland woedt. Dan zouden kinderen die hier vijf jaar geworteld zijn, sowieso mogen blijven. Politici kunnen dat beslissen. Als ze dat willen. Zoals ze kunnen beslissen om amnestie te geven aan mensen met zwart geld, of rijke boeven hun schuld te laten afkopen, of ministers te laten liegen dat ze zwart zien. Kan allemaal. Een lief meisje van acht dat zo Vlaams is als een meisje van acht maar kan zijn, gewoon thuis laten blijven - nee, dat kan blijkbaar niet.


Eén ding is jammer. Dat Theo Francken niets meer te zeggen heeft. Ik heb begrepen dat jullie christenen zijn. Een envelop via via vol centjes had dan wonderen kunnen doen.


Dikke knuffel, ik duim voor jou,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 2 februari 2019

Beste Gwendolyn Rutten, geen grammetje mededogen had u met dat kind. Wel, ik ook niet meer met u.


Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Gwendolyn Rutten,


Bon. Als u geen mededogen hebt met een achtjarig meisje dat dreigt te worden uitgezet naar een land waar ze nog nooit is geweest, dan heb ik ook geen mededogen meer met u. Dan neem ik u niet langer in bescherming voor de flaters die u ooit hebt geslagen terwijl ik u zat te interviewen. Aan mijn discretie komt hier en nu een einde. Alle begrip als dat vooruitzicht u doet besluiten om deze krant nu weg te gooien. Alle andere lezers raad ik aan om nog wat te blijven. Er wachten hen twee pittige herinneringen.


Maar eerst naar De afspraak van dinsdag. U zat daar om met Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen te debatteren over Anna-Maria, die acht jaar oud werd op 9 januari laatstleden, één dag nadat ze met haar ouders en zusje van twee werd opgesloten in een gevangenis in Steenokkerzeel. Iedereen kent ondertussen haar droeve lot: Anna-Maria is hier geboren en zit in het tweede leerjaar in de Reuzenpoort in Borgerhout. Nu dreigt ze te worden gedeporteerd naar Armenië, het land dat haar ouders zijn ontvlucht.


Terwijl Vanobbergen met passie en argumenten de stelling verdedigde dat het eigenlijk niet verantwoord is wat hier gebeurt, onder meer omdat de overheid in dit dossier veel steken heeft laten vallen, stond bij u de vrieskou in de ogen. U bleef er aldoor volslagen onbewogen bij. Allicht zat u te denken: de griezelige kilte waarmee Maggie De Block ooit Parwais Sangari en andere perfect geïntegreerde jongelui in oorlogsgebied liet droppen, maakte haar megapopulair, dus laat ik dat ook eens proberen: de strikte, snoeiharde, onvermurwbare gezagsdrager uithangen. Regels zijn regels. Ordnung muss sein.


Geen grammetje mededogen had u met dat kind. En dan te bedenken dat ik in mijn prille loopbaan zelfs met ú - de volwassen, robuuste voorzitter van de liberale partij - al twee keer mededogen heb gehad. En getoond. Een eerste keer gebeurde dat toen ik u, samen met een collega, zat te interviewen over uw ideologie. We hadden het onder meer over uw overtuiging dat de overheid niet te betuttelend mag zijn, door bijvoorbeeld 16-jarige jongeren te verbieden om alcohol te drinken. Vrijheid, blijheid, luidde uw devies. Toen ik vroeg of Open Vld niet te veel nadruk legt op negatieve vrijheid en te weinig op positieve vrijheid, keek u alsof u door het raam van uw kantoor een nijlpaard zag voorbijvliegen. U antwoordde, lichtjes ontdaan: "Euh, voor een liberaal is vrijheid altijd positief."


Op dat moment besefte ik: oei, de voorzitter van Open Vld kent het verschil niet tussen negatieve vrijheid (de afwezigheid van een verbod) en positieve vrijheid (het vermogen om iets te doen) - iets wat toch tot de basiskennis van elke eerstejaarsstudent politieke filosofie behoort. Een voorbeeld, van filosofe Alicja Gescinska: arme mensen hebben in de winkel negatieve vrijheid zat, maar geen positieve: ze mogen alles kopen wat ze maar willen, maar ze hebben er geen geld voor. Dat u van dat verschil nog nooit gehoord had, hebben mijn collega en ik toen met de mantel der plaatsvervangende gêne bedekt.


De tweede keer dat ik niet doorvroeg omdat uw antwoord mij met verstomming sloeg, was toen we het over quota hadden. Liberalen zijn tegen quota, dat is bekend. Toch bent u als liberale vrouw voor quota, tenminste als het quota voor vrouwen zijn - jawel, u hebt meer empathie met machtige vrouwen in raden van bestuur dan met achtjarige meisjes in gesloten deportatiecentra. Toen ik u wees op die hersenverstuikende inconsequentie - vóór vrouwenquota, tégen quota voor Vlamingen met een migratieachtergrond - zei u: "In een ideale wereld zouden vrouwenquota natuurlijk niet nodig zijn."


Nu was het mijn beurt om onthutst uit het raam te kijken. Dat argument sloeg immers nergens op: het bevestigt alleen maar de inconsequentie. Maar ook toen besloot ik het zachtjes te laten rusten, vanuit het idee: men moet het die arme politici nu ook weer niet té moeilijk maken. Hun leven is al zwaar genoeg.


Maar daar kom ik vandaag dus op terug. Ik wil dat het voor iedereen duidelijk is dat u geen grondig fundament hebt als politicus, dat u de eigen ideologie niet kent en de eigen principes vlotjes de nek omwringt als het u zo uitkomt.


Dat doet u ook met Anna-Maria. U wil haar het land uit om een ferm voorbeeld te stellen. En dat is (1) onrechtvaardig, want vergelijkbare gezinnen werden wél geregulariseerd, en (2) het oneigenlijke gebruik van een menselijk wezen. Vraag dat maar eens aan Dirk Verhofstadt, die vroeger door uw partij werd betaald om filosofen op een A4'tje samen te vatten: voor een liberaal is een mens geen middel, maar altijd een doel op zich.


De vlucht die dit weekend gepland was, is geannuleerd, maar als u ooit toch aanvaardt dat het gezin Khmoyan op het vliegtuig naar Armenië wordt gezet om de publieke opinie te tonen dat het u menens is met het vreemdelingenbeleid, dan zal uw laatste restje politieke geloofwaardigheid samen met Anna-Maria dit land verlaten.


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 9 februari 2019

Beste Joke Schauvliege, wat een flater, zeg!

Wat een misrekening! On-ge-lo-fe-lijk.

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Joke Schauvliege,


Wat een flater, zeg! Wat een misrekening! On-ge-lo-fe-lijk. Ik begrijp nog altijd niet wat u bezield heeft. Hoe hebt u zich zo kunnen laten vangen? Stom, stom, stom. Dat was toch echt nérgens voor nodig – dat ontslag van u, afgelopen dinsdag. Zelfs Anuna De Wever, qua moreel gezag vandaag toch een kruising van de paus en Martine Tanghe, heeft al laten weten dat uw aftreden “niet nodig” was. En ze heeft gelijk.


Akkoord, u had een fout gemaakt door in een zaal vol landbouwers, met naast u een duivelse mestvork, te beweren dat de Staatsveiligheid u had verteld dat er een complot achter de klimaatmarsen zit. Flauwekul, natuurlijk. Dat wist u zelf ook wel. Maar de verleiding was vermoedelijk groot om eens ferm te scoren bij de eigen achterban. U dacht wellicht: als Theo constant toert en toetert, dan mag Joke dat potjandorie ook weleens doen.


U hebt zich trouwens meteen verontschuldigd. De fout toegegeven, excuses aangeboden. Sorry, sorry, sorry. Tegelijk met de baas van Delhaize, overigens, die met een knoert van een advertentie door het stof ging omdat hij de speelgoedblokjes van een promotiestunt in iets te veel plastic had laten verpakken – een misdaad tegen de menselijkheid, zo leek het wel, waarvoor hij zich desnoods met pek en veren, op een middeleeuwse kar, elke week wil laten meevoeren tijdens de klimaatmarsen. Morele paniek: van alle tijden.


Mocht Bart De Wever uw voorzitter zijn geweest, dan hadden uw excuses ruimschoots volstaan, en dan had u vandaag nog steeds per ministeriële limousine door Vlaanderen gegleden – aangemoedigd door zijn woorden: “Doe zo voort, Joke. Doe voort!” Helaas zijn Wouter Beke en Hilde Crevits – respectievelijk de paus en de Martine Tanghe van de christendemocratie – uw bazen en wilden zij uw hoofd op het kapblok van de publieke opinie. Ja, nu verdedigen zij u, maar ze hadden u beter wat vroeger beschermd.


Versta mij niet verkeerd. Ik zeg niet dat u een goed minister was. In groene kringen hebt u het morele gezag van een platgereden egel. Maar dat was niet de reden van uw ontslag, dat is in België of Vlaanderen nooit de reden voor een ministerieel ontslag.


U hebt wel één heel zwakke flank. Weinig mensen weten dat, maar u werd in de politiek mee gelanceerd door ene Peter Vereecke, die twintig jaar gemeenteraadslid en zes jaar burgemeester was in uw thuisbasis Evergem. Tot hij rond de eeuwwisseling hier alles achterliet – partij, gezin, werk – en de wereld introk om zich te heroriënteren. Bij zijn terugkeer bleek hij te zijn veranderd in de grootste complotdenker die dit land ooit heeft gekend. Vereecke gelooft dat 9/11 opgezet spel was, dat vaccins dienen om ons en onze kinderen te vergiftigen, dat de Protocollen van de Wijzen van Zion een authentieke tekst is, dat we door het leger worden besproeid met chemicaliën in de vorm van zogenaamde ‘chem trails’, dat de maanlanding nooit echt heeft plaatsgevonden, en dat Elvis nog leeft en een bowlingbaan met snackbar uitbaat in Westerlo.


Dat u Vereecke nog altijd erkentelijk bent voor zijn mentorschap, mag blijken uit het feit dat u niet alleen ooit een parlementaire vraag stelde over chem trails, maar hem – toen u minister was – zelfs toegang verschafte tot uw kabinet en dat van uw partijgenoot en ex-collega Jo Vandeurzen – waar hij zijn complottheorieën mocht komen verdedigen. Al is ook dat geen reden tot ontslag. U bewees een rare man een vriendendienst, meer niet.


Het sms-bombardement, dan. Zou dat bij u de doorslag hebben gegeven? Ik sluit het niet uit. Dag en nacht op je privé-nummer onophoudelijk bestookt worden met duizenden sms’en – het kan er stevig inhakken en ik wens het niemand toe. Sommige critici, onder wie journalisten die beter zouden moeten weten, zeiden smalend dat u maar een tweede toestel moest kopen. Misschien wordt dat nu een nieuwe gewoonte, maar bij mijn weten bestaan er maar twee redenen waarom een politicus een tweede telefoontoestel nodig heeft: om zijn minnares of zijn drugdealer te bellen, of allebei – (m/v/x), dat spreekt. U had met andere woorden groot gelijk om geschokt te zijn door die sms-bom, maar het was geen reden om ontslag te nemen. Alles went, ook dat.


Tussen haakjes: wist u dat Peter Vereecke op 4 november 2014 door het hof van beroep in Gent werd veroordeeld omdat hij 180 (ja, 180!) e-mails had gestuurd naar de Vlaamse vaccinatieambtenaar? Niet wegens ‘stalking’ of ‘belaging’, maar wegens ‘het misbruiken van elektronische communicatiemiddelen om overlast te veroorzaken’. Ik zou zeggen: doe daar uw voordeel mee. Justice For Climate? Jawel. Maar ook: Justice For Joke!


Uw ontslag, mevrouw, was een flater, een misrekening, een nodeloze ingreep waarvoor ik geen redelijke verklaring zie. Gelet op het feit dat u straks in mei wellicht ruimschoots zult worden gecompenseerd door volop sympathiserende kiezers, houd ik als verklaring maar één piste over.


Het was een complot.


Sterkte nog en zeer gegroet,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 16 februari 2019

Beste Theo Francken, net zoals prins Laurent krijgt u een forse dotatie waar weinig tegenover staat

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Theo Francken


Van alle potsierlijke praatjes waar u ons al jaren zo gul op trakteert, heeft dat over uw haarsnit mijn lachspieren tot dusver het meeste plezier bezorgd. Dat u een nogal rechts, soms zelfs extreemrechts imago hebt, vertelt u geregeld, komt doordat u er een beetje uitziet als een para, of als een skinhead – met die geschoren of licht bestoppelde schedel. Goed gevonden, dat moet ik toegeven, maar ik hoop dat u dat zelf niet gelooft – anders is dat behoorlijk slecht nieuws voor pakweg André Vermeulen, Stefan Blommaert, Stan Van Samang, Helmut Lotti en Bart Eeckhout, die er allemaal dezelfde haardos, maar – naar ik hoop en voor zover ik dat kan beoordelen – iets andere ideeën op na houden.


Overigens vind ik dat u er helemaal niet zo vervaarlijk uitziet, hoor. Mocht u een acteur zijn, dan zou men u perfect kunnen casten als bakfietsouder, nachtverpleger of dirigent van het plaatselijke kinderkoor. Met wat make-up, geëpileerde wenkbrauwen, de juiste lingerie en andere ongein zou u zelfs een convenabele travestiet kunnen neerzetten.

 

Om maar te zeggen: dat imago van u heeft niets te maken met wat er op uw hoofd staat, maar alles met wat erin zit en eruit komt. U hebt die reputatie van rechtse stokebrand omdat u tweet en praat en reageert en zich doorgaans gewoon gedraagt als een rechtse stokebrand. Soms zelfs als u zich er niet bewust van bent, wat bewijst dat het diep zit.


Wie u woensdag in Terzake bezig zag en goed heeft opgelet, weet wat ik bedoel. Op een bepaald moment citeerde Kathleen Cools VB-Kamerlid Barbara Pas, die had opgemerkt dat u moord en brand zou hebben geschreeuwd mocht die fraude met humanitaire visa zich onder PS-bestuur hebben voorgedaan. U vond dat geen lastige vraag, want u begon meteen te glunderen. “Maar dat is absurd”, lachte u. “De PS zou nooit christenen redden uit Syrië! Dat zouden ze nooit doen! Daar zijn ze helemaal tegen! Die hadden gewoon die christenen laten creperen!” Waarmee u de wereld op z’n kop zette: wat de PS zou doen, dat weet u niet. Wat u wél weet, is het omgekeerde: dat u, mijnheer Francken, via die humanitaire visa nooit moslims hebt gered uit Syrië. Dat zou u nooit doen! Daar bent u helemaal tegen! Die hebt u gewoon laten creperen! Met mijn excuses voor het rauwe taalgebruik – ik citeer u maar gewoon.


Tussen haakjes, als ik even mag: ik heb het ondertussen wel gehad met die ‘klauwen’ van IS. Ik begrijp dat het een debatfiche betreft waar men in Vlaams-nationalistische kringen geweldig aan gehecht is, want zolang IS kan klauwen, en zolang IS tanden heeft, lopen mensen groot gevaar. Maar niet alleen christenen, en zéker niet alleen mensen met geld genoeg om uw entourage om te kopen. Dat N-VA donderdag filmpjes lanceerde waarin Syrische christenen getuigen dat Jezus u had gestuurd om hen te redden, is zelfs voor iemand met uw haardos beneden alle peil. Jezus zou u de Wetstraat uit ranselen. Met mijn excuses voor het rauwe taalgebruik – ik citeer het evangelie maar gewoon.


Er viel mij deze week nog iets op, trouwens. U vertoont sterke gelijkenissen met iemand die ook al dagenlang het nieuws beheerst. Raad eens. Geen idee?


Prins Laurent! Jawel, u hebt meer gemeen met die malle prins dan u zou denken. U bent allebei erg impulsief, lichtjes excentriek, afwisselend manisch en dan weer sloom. U lijdt allebei aan een rare combinatie van hoogheidswaan en zelfbeklag. En, niet te vergeten: u krijgt allebei een forse dotatie waar weinig concrete resultaten tegenover staan. Nog een geluk dat uw amusementswaarde hoog ligt. Never a dull moment met Theo en Laurent.


Er is maar één betekenisvol verschil. Prins Laurent staat recht in zijn schoenen en bracht in de kwestie van de Libische miljarden deze week mee de waarheid aan het licht. U bent er nog altijd niet in geslaagd om dat visa-dossier deftig, transparant, waarheidsgetrouw en volledig toe te lichten en zakt steeds dieper het moeras in – nu blijkt er zelfs een link te bestaan met het Antwerpse drugsmilieu. Jezus, Maria, Jozef!


Kent u Over water, die topserie van Tom Lenaerts en Paul Baeten Gronda? Wat mij altijd heeft verbaasd, is de mededeling in de generiek dat de serie gebaseerd is op ware feiten. Eerst kon ik dat niet geloven, maar nu wel. Zondag zien we de ontknoping van het eerste seizoen. Na het nieuws van de laatste dagen, en met de woorden van uw voorzitter – dat de onderwereld maar één klik verwijderd is van de politiek – in het achterhoofd, stel ik mij bij die ontknoping de meest bizarre taferelen voor. Omdat de werkelijkheid de fictie overtreft, sluit ik niets uit. Ook niet dat u, in de laatste scène, met kapselgenoot Tom Van Dyck en partijgenoten Melikan Kucam en Annick De Ridder een Colombiaanse container aan het leegroven bent. En dat Tom Lenaerts dan als een deus ex machina verschijnt en verontwaardigd roept: “Zijt ge niet beschaamd?! Los het op, boys!”


Het zouden wijze woorden zijn.


Met de meeste hoogachting,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 23 februari 2019

Beste Dirk De Wachter, ik denk – ga even zitten – dat ik een klimaatdepressie heb

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Dirk De Wachter,


Ik schrijf u deze brief omdat ik ten einde raad ben. Ik zit in de put en zou niet weten hoe ik mij ooit nog een weg naar boven kan banen. Er brandt geen licht meer aan het einde van de tunnel – zeer gunstig qua energieverbruik, maar slecht voor de levenslust.


Ik wend mij tot u omdat ik u altijd bewonderd heb. U bent de man die Vlaanderen heeft verzoend met de gewonigheid, met de soms beklemmende banaliteit van het leven en de bijbehorende tegenslagen. U leerde ons om af en toe een beetje ongelukkig te zijn. Wie het dipje niet eert, is de tevredenheid niet weerd: het klinkt als een inspirational quote om op te schieten, maar als u het zegt, wordt het een bezwerende formule. Er zit iets in uw toon dat zalvend en genezend is. Als een andere psychiater zegt dat we vaker moeten gaan wandelen, begint iedereen te geeuwen. Als u dat zegt, klinkt het alsof u een tekst citeert die werd aangetroffen op een geheim perkament dat eeuwenlang verborgen zat in de piramide van Cheops. Zelfs als u een klein bruin gesneden bestelt, klinkt u wellicht alsof u een diepe waarheid omtrent de menselijke existentie blootlegt.


Ik heb altijd uw adviezen gevolgd, mijnheer De Wachter. Ik koester het gewone, ga vaak wandelen en probeer af en toe een beetje ongelukkig te zijn. Maar de laatste tijd word ik verzwolgen door duisternis en angstaanvallen. Ik sta hyperventilerend op en ga afgemat weer slapen. Ik sleur mij door de dagen. En nee, er is niets mis met mijn persoonlijke of professionele leven, daar ligt het allemaal niet aan. Het is iets Anders, iets Groters, iets Wezenlijkers. Ik denk, dokter – ga even zitten – dat ik een klimaatdepressie heb.


Menig cynicus barst nu in lachen uit, maar als vakman weet u waarover ik het heb. Ze staan tegenwoordig elke dag in de krant, de symptomen en syndromen waar je zoal last van kunt hebben als geëngageerde burger: benevens de klimaatdepressie zijn dat nog de milieumelancholie, de vliegschaamte, de landschapspijn en de ecorexia – aan dat laatste lijden mensen die echt niets meer durven te consumeren, uit vrees voor de bijbehorende uitstoot aan koolstofdioxide die ze daarmee teweegbrengen.


En láp. Dat heb ik dus. Toen ik dat deze week ineens besefte, was het alsof er een gletsjer op mijn hoofd viel. Van de weeromstuit besloot ik om bij u hulp te zoeken.


De ellende begint voor mij doorgaans in de loop van de nacht, als ik badend in het zweet het bed verlaat en begin te slaapwandelen, omdat ik een nachtmerrie heb gehad over de stijgende zeespiegel – mijn vrouw heeft al drie keer de brandweer moeten bellen om mij van het dak te halen, waar ik wellicht beschutting wil zoeken voor het wassende water. Bij het ontwaken val ik dan meteen ten prooi aan ademangst. Ik weet ook wel dat mijn bijdrage aan de wereldwijde uitstoot verwaarloosbaar is, maar dat argument aanvaard ik dus niet meer, ook niet van mijzelf. Voor de planeet zou het beter zijn mocht ik nooit hebben bestaan. In mijn zwartste momenten vervloek ik de dag dat ik geboren ben. Ja, ofschoon ik een 54-jarige man ben, kamp ik nu met een postnatale depressie.


Ik heb, mijnheer De Wachter, geprobeerd om op eigen kracht wat rust te zoeken in het hoofd. In de kelder bouwde ik, met louter hernieuwbare materialen, een klimaataltaar, opgedragen aan de heilige drievuldigheid Greta, Kyra en Anuna. Daar doe ik elke dag aan spijbelexegese en lees ik in het evangelie volgens Nic Balthazar. Maar het helpt me voor geen meter. Bij alles wat ik gebruik en consumeer in deze neoliberale hel grijpen de angsten mij om beurten bij de keel: zo ga ik nu al gebukt onder kwikschrik, vliegverdriet, smulschroom, biefstukberouw, plasticpaniek, poolkapparanoia, autorexia – en de teller blijft tikken. Mijn leven is één grote koolstofkramp geworden. Ik schaam mij zelfs voor de streek waar ik ben opgegroeid: was ik vroeger trots dat mijn roots in de industriële Umicore-cité liggen, dan is dat paradijselijke oord nu mijn schaamstreek geworden. Ik lijd, kortom, aan uitstootgêne, als was ik een lid van het directiecomité dat middenin een belangrijke vergadering plots last krijgt van extreme winderigheid.


Wat me eraan doet denken: boontjes uit Kenia eet ik uiteraard ook niet meer. Sinds ik heb geleerd dat die gigantische koelkasten in de Colruyt ook enorm veel uitstoten, eet ik zelfs helemaal géén fruit en groenten meer – weg met de rauw-, wat zeg ik: rouwkost die onze planeet onrechtstreeks aan het verstikken en versmachten is.


En dan moet het ergste nog komen. De factuur voor al dat klimaatkwaad. Die zal mij, en vele anderen, echt naar de rand van de afgrond duwen. Ik voel een fiscusfobie opdoemen en verwacht een Calvo-claim en Almaci-aanslag waarbij de Turteltaks zal verbleken.


Nu is dit mijn vraag, dokter: hoort al dat ongeluk nog bij de gewonigheid van het leven of mag ik toch eens – geheel klimaatneutraal, dat spreekt – bij u op de sofa komen liggen?


Uitstootvrije groet,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 2 maart 2019

Beste Koen Geens, terwijl ik naar ‘Temptation Island’ zat te kijken, moest ik aan u denken”

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Koen Geens,


Afgelopen woensdag, terwijl ik in uitgesteld relais naar Temptation Island zat te kijken, moest ik ineens aan u denken – niet uit vleselijk oogpunt, uiteraard, maar louter in uw hoedanigheid van beleidsmaker. Ik zag ineens een verband tussen een van uw laatste wetsontwerpen en de in alcohol gedrenkte sekskermis op dat exotische eiland. Ik zie uw wenkbrauwen nu verrast de hoogte in schieten, maar zal dat straks toelichten.


Eerst leg ik de andere lezers graag uit waarom ik niet Jan Peumans koos als (m/v/x) van de week. Simpel: omdat een man die eerst in tien jaar tijd anderhalf miljoen euro netto heeft binnengesnokt dankzij zijn partij, en dán komt mopperen dat die partij ontspoord is, slechts een krachtige bulderlach en de eeuwige vergetelheid verdient. Ook Hendrik Bogaert, die na zijn pleidooi voor een totaal hoofddoekverbod deze week ineens begon te raaskallen over “etnocide op de Vlaamse cultuur”, is wegens verregaande kolder in de kop niet langer aanschrijfwaardig. En het vertrek van Lieven Van Gils als talkshowhost aangrijpen voor een voorspelbare uitlachbrief, dat is schieten op de ambulance.


Vergeleken met de ravage die gokken aanricht in onze samenleving,

is ‘Temptation Island’ materiaal voor een Ketnet-musical.


Ik heb, mijnheer Geens, deze week voor u gekozen, omdat ik denk dat het nog niet te laat is om u voor een fatale beslissing te behoeden. En dat schoot mij dus te binnen terwijl ik zat te kijken naar het programma dat volgens de weldenkende consensus het laagste is wat de televisie ooit heeft voortgebracht: Temptation Island, waar verleiders (m/v) jacht maken op jongens en meisjes die hun liefde voor elkaar op de proef willen stellen.


Als trouwe kijker begrijp ik de bezwaren. Door mensen zo te isoleren in een paradijselijk oord, voortdurend vol drank te kappen en intieme situaties uit te lokken, exploiteer je de zwakste plekken in de menselijke natuur. Het gaat hier om jonge mensen, vaak nog geen twintig, die worden geplaagd en getriggerd en uitgedaagd tot ze voor de bijl en van bil gaan. Dat wordt dan getoond aan hun partner aan de andere kant van het eiland, zodat die besluit om ook maar eens met zo’n casanova dan wel femme fatale de bedstede in te duiken. Dat is altijd vermakelijk, vaak ontluisterend, soms diep vernederend. Denk aan wat Deborah vorig jaar overkwam: de ene dag vroeg vriendje Tim haar ten huwelijk, nog geen week later beloofde hij eeuwige trouw aan verleidster Cherish – aan enthousiasme geen tekort, die jongen.


Ik kan mij voorstellen, mijnheer Geens, dat u als keurige christendemocraat neerkijkt op dat vulgaire volksvermaak – zelfs als u weet dat men in het Vaticaan Temptation Island speelt met minderjarigen. Ik neem aan dat u die exploitatie van de menselijke zwakheid verderfelijk vindt. Wie de feilbare mens de afgrond in lokt, is geen vriend van Jezus.


Zelf heb ik daar minder moeite mee. Voor de liefhebbers van evolutiebiologie is het een leerzaam programma, die jongelui weten waarvoor ze kiezen, het zijn er maar acht en ze houden er doorgaans een bijverdienste in het schnabbelcircuit aan over. En die Deborah was Tim beter kwijt dan rijk, geloof me, dus laten we onze verontwaardiging opsparen voor een iets nobeler doel. Keuze zat, wat dat betreft.


Mag ik een suggestie doen? We binden de strijd aan met de goklobby, tégen uw eigen wetsontwerp, dus. Als uw gokwet, die deze week in de bevoegde Kamercommissie werd aangenomen, straks in de Kamer wordt goedgekeurd, pleegt u immers schuldig verzuim ten aanzien van de zwakke, feilbare mens die door gewiekste gokbaronnen meedogenloos de dieperik wordt in gesleurd. Vergeleken met de ravage die gokken aanricht in onze samenleving, is Temptation Island materiaal voor een Ketnet-musical.


Ik wil u vragen om nog eens aandachtig te luisteren naar wat oppositieleden Stefaan Van Hecke en Peter Vanvelthoven over dat gokbedrijf te melden hebben. Live betting moet u niet reglementeren, maar verbieden. De minimumleeftijd moet omhoog en de maximumbedragen naar beneden. Jan Peumans, ja, die heeft geld genoeg om iedere week 500 euro te vergokken, voor normale mensen is dat een integraal salaris. De gokreclame mag ook verdwijnen, trouwens. Door die advertenties en reclamespots worden mensen geplaagd, getriggerd en uitgedaagd tot ze voor de bijl gaan. Ze zinken weg in een schuldenspiraal, verliezen have en goed, en eindigen als hoopjes miserie – zónder bijverdienste in het schnabbelcircuit.


U bent een man van de wereld, mijnheer Geens. U hebt in de Wetstraat vast al gezien wat pakweg cocaïne met een mens kan doen. Welnu, gokken is nog erger. Gokken moet met alle wettelijke middelen worden bestreden. Hier ligt voor u een historische kans.


Neem een evangelie, ga naar de passage over de tempelreiniging, maak een gesel van touwtjes, ontbied de goklobby in uw kabinet en ransel hen de straat op met de woorden: “De samenleving moet veilig zijn, en jullie hebben er een rovershol van gemaakt.”


Het zal van u een beter en gelukkiger mens maken. Wedden?


Christelijke groet,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 9 maart 2019

“Beste Jean-Claude Juncker, carnaval is een vrijplaats waar alles kan en mag”

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Jean-Claude Juncker,


Als voorzitter van de Europese Commissie bent u al wereldberoemd, maar volgend jaar rond deze tijd komt daar nog een schepje bovenop. In Aalst, dat kleine stadje waar een handvol dappere feestneuzen zich blijft verzetten tegen de gestaag oprukkende politieke correctheid, dreigt men u tijdens de volgende carnavalsstoet geweldig hard uit te lachen.


Schrik niet als u dan ergens een stijf mannetje – met een bezemsteel in het achterwerk – ziet rondwankelen terwijl het aldoor klaagt over rugpijn. Bedenk dan dat u het over uzelf hebt afgeroepen door uw woordvoerder deze week zo te laten uithalen in de kwetsende kwestie van de joodse praalwagen.


Wat wij nodig hebben, mijnheer Juncker, is een smaakintendant.

Iemand die wij het roer in deze barre tijden kunnen toevertrouwen.


Let wel, we waren blij dat íémand het tenminste deed. Normaal gesproken is het Michaël Freilich die zijn duivels ontbindt als de joodse gemeenschap zich op welkdanige wijze dan ook gekrenkt voelt. Maar Freilich is verhuisd van Joods Actueel naar de N-VA. En de burgemeester van Aalst, die de carnavalisten vurig verdedigt, is nu een partijgenoot van hem – en met partijtucht wordt bij de N-VA niet gespot, nog minder dan met joden.


Des burgemeesters reactie was overigens de juiste: carnaval is een vrijplaats, beperkt in tijd en ruimte, waar met alles kan en mag worden gegekscheerd, zelfs als dat smakeloos en onwelvoeglijk is. Carnaval is het satirische equivalent van wat vroeger kerkasiel was: een gebruik dat beschutting biedt tegen de wet. Dat u de Belgische overheid aanspoorde om hard op te treden was dan ook ongepast. Men kan van Aalstenaars veel zeggen – dat ze met carnaval toch maar een bende vetzakken zijn, bijvoorbeeld – maar niet dat ze een genocide op het joodse volk voor ogen hebben. In die streek is het veeleer de moslim die gevaar loopt.


Eigenlijk, mijnheer Juncker, zou carnaval niet eens een rimpeling mogen veroorzaken in het publieke debat, laat staan in de schoot van uw achtbare Commissie. We hébben het al zo druk met alle doordeweekse verontwaardiging. Ik overloop met u de oogst van een paar dagen debat in Vlaanderen. Volgens de collega’s van Het Laatste Nieuws kreeg VRT-journaliste Fatma Taspinar “een storm van kritiek” over zich heen omdat ze vijftigplussers “oudere mannen” had genoemd. In de literaire sector, las ik elders, is het tegenwoordig de gewoonte om manuscripten te laten nalezen door een sensitivity reader, die passages of woorden die gevoelig kunnen liggen bij deze of gene doelgroep uit de tekst filtert. En dan is er uiteraard nog wijlen Michael Jackson. Kan men, na de gruwelijke getuigenissen over misbruik, ’s mans muziek nog draaien? En zo ja, moet daar dan geen tekst en uitleg bij? De VRT vindt alvast van wel. Vóór elke song die men van de ‘King of Pedofilie’ nog ten berde zal brengen, zullen we voortaan een stichtende boodschap horen, om te vermijden – neem ik aan – dat we het nietsvermoedend op een dansen zouden zetten.


De consequenties van deze ingreep zijn niet te overzien. Wat moeten we nu aanvangen met het werk van pakweg Chuck Berry, Jerry Lee Lewis, Roman Polanski, Woody Allen en Walter Capiau? Kunnen we Louis-Ferdinand Céline nog ter beschikking stellen in de bibliotheek? Wat met Hugo Claus en Günter Grass, die in hun jeugd toch ook fout waren? Mogen we alleen nog genieten van kunst gemaakt door lieden wier persoonlijkheid zo opwindend en pikant is als een glas karnemelk? Moeten wij, mijnheer Juncker, het straks stellen met de muziek van Yevgueni en de films van Jan Verheyen?


Tussen haakjes: ook het omgekeerde komt voor. Soms is de sociale druk van dien aard dat je wansmaak goed moet vinden, dat je zelfs kinderen een dikke duim moet geven als ze gore praat uitslaan. Ik denk nu aan de jongerenhit ‘Hou je bek en bef me!’ van Merol, en de plakkaten waarop 15-jarige meisjes ons verzoeken om hun pussy te destroyen in plaats van the earth. Wat was er mis met ‘Heal the world, make it a better place’ – of wacht, laat maar. U snapt wat ik bedoel: wat kan, wat niet – niemand weet het nog.


Vandaar dit voorstel. Wat wij nodig hebben, mijnheer Juncker, is een smaakintendant. Iemand die wij in deze barre tijden het roer kunnen toevertrouwen. Iemand die knopen kan doorhakken als wij ons weer eens radeloos afvragen wat nog geoorloofd is. Ik zie maar drie mensen die dat kunnen: Mia Doornaert, Rik Torfs en uzelf. U combineert, nog meer dan de andere twee, de ernst van het wereldleiderschap met de frivoliteit van de zotskap – u durft Guy Verhofstadt al eens door de haarbos te roefelen en het zou mij niet verbazen mocht u ooit een protkussen op de stoel van Angela Merkel hebben gelegd. U bent streng, maar er mag nog eens gelachen worden – ú hebben we nodig. Van carnaval blijft u af, maar de rest van het jaar zegt u hoe het hoort.


Tot slot nog even over dat rugprobleem van u. Daar zal volgend jaar in Aalst dus duchtig mee worden gespot. Wees dan niet boos, en probeer uzelf intussen goed te verzorgen. Ik heb mij laten vertellen dat een borrel wonderen kan doen.


Gezondheid en olijke groet,


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 16 maart 2019

"Beste Wim Slabbinck, liefde is geen checklist, dan nog liever loting"

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Wim Slabbinck,


Ja, ik schrik er zelf ook van. Dat u hier ineens zo prominent staat. Na een dag met zo’n hartverscheurend nieuws. En als relatief onbekend seksuoloog. Als er deze week per se een seksuoloog moet worden aangeschreven, zou je denken, dan moet het toch Goedele Liekens zijn. Zij zal zich straks immers met een positief, krachtig, ambitieus, constructief, ondernemend, energiek, dynamisch en liberaal project aan de kiezer presenteren. En ze hád al zoveel gedaan waarvoor wij haar dankbaar moeten zijn. Zo leerde ze de Vlaamse jeugd begin de jaren negentig dat men bij het verstrekken van een blowjob best constant het woord ‘meloen’ kan mompelen – en niet ‘ananas’, bijvoorbeeld, om redenen die geen nadere uitleg behoeven. Sindsdien heeft ze zoveel boeken over seks geschreven dat we vandaag meer weten over onze penis casu quo vagina dan goed voor ons is. En zo is het gras nogal grondig voor uw voeten weggemaaid – er blijft maar een klein streepje over, vermoed ik, waarop u als seksuoloog nog het verschil kunt maken.


Dat probeert u in Blind Getrouwd, het VTM-programma waaraan u als expert verbonden bent en waarvan mijn geliefde en ikzelf trouwe kijkers zijn. Het concept is bekend: twee mensen worden op basis van hun eigenschappen en verlangens aan elkaar gekoppeld en bij de eerste ontmoeting meteen in de echt verbonden. Ze hebben dan vijf weken de tijd om te beslissen of ze dat zo willen houden of niet. Onderweg komen ze een paar keer op consultatie bij de experts, die hen nauwgezet begeleiden. Onder meer bij u, dus.


Afgelopen maandag zaten Line en Victor op uw sofa. Zij kunnen het al goed met elkaar vinden, vertelden ze, maar De Klik is er nog niet – versta: ze hebben het meloenstadium nog niet bereikt. Enfin, Viktor is daar volgens mij stilaan klaar voor, maar voor Line mag het allemaal niet te snel gaan. Wat nu gezongen? Wat kunnen ze doen?


U begon terstond diep na te denken, zoals men dat van een expert mag verwachten. Er was iets, zagen wij u peinzen, dat zou kunnen helpen. Maar wat precies? Waar stond dat ook weer in uw cursus? Even bood u de aanblik die Einstein moet geboden hebben toen hij zich afvroeg wat er zou gebeuren als hij zich met lichtsnelheid zou voortbewegen. Tot u plotseling de keel schraapte en zei: “Probeer af en toe samen iets te doen.”


Thuis vielen mijn geliefde en ik omver van zoveel inzicht. En u was nog niet klaar. Samen iets doen – tja, dat is gemakkelijk gezegd, maar wát dan? Samen de stoep vegen? Samen naar het weerbericht kijken? Samen naar de klimaatmars? Mogelijkheden zat. Opnieuw maakte een diepe frons zich van u meester, tot u Line en Viktor bedachtzaam aankeek en sprak: “Probeer iets te doen wat jullie allebei fijn vinden. Dat schept een band.” Terwijl Line en Viktor beloofden het erop te wagen, besefte ik ineens: dit programma is een nog grotere oplichterij dan al die witte konijnen op de lijsten van Open Vld.


Het begint al bij het matchen van de kandidaten, uit die vele duizenden inzendingen. Dan staat u daar rond een tafel, samen met de andere experten en de Deense seksuoloog Gert Martin Hald, die beweert dat zijn model de duurzaamheid van relaties kan voorspellen. Als u, op basis van een lange checklist, vijf koppels hebt gevormd, staat u met z’n allen te glunderen alsof u de relativiteitstheorie met de kwantumfysica hebt verzoend. Terwijl ik denk dat de kans op goeie koppels groter is als je die namen in twee trommels gooit en daar willekeurige duo’s uitvist – liefde bij loting, zeg maar, met een knipoog naar David Van Reybrouck. Maar zónder checklist. Wedden dat dit seizoen vier van uw vijf koppels op de klippen lopen? Liefde, mijnheer Slabbinck, is geen checklist.


Mag ik mijzelf even als voorbeeld nemen? Ik ben een oudere man met licht overgewicht die thuis de hele dag in de weg loopt omdat hij niet naar kantoor gaat, die soms urenlang lamlendig ligt te lezen in de zetel en vaak ’s morgens om 5 uur al recht uit bed achter zijn computer kruipt, waar hij ’s avonds om 20 uur dan nog altijd zit, niet gedoucht en in zijn onderbroek – volop ruziemakend op Twitter met mensen die hij niet kent. Eerlijk: krijgt u dat verkocht op de relatiemarkt? Aha! En toch heb ik de liefste vrouw ter wereld.


Wél boeiend aan Blind Getrouwd is wat het programma zegt over de tijdgeest: wij leven onder het juk van de zelfbeschikking en zijn dat beu. Ik voel bij sommige kandidaten een bijna religieus verlangen naar een hogere macht die de belangrijkste beslissing van hun leven in hun plaats neemt. De nepformule van de expert als deus ex machina.


En toch blijven wij kijken. Vorige week gingen Line en Viktor op bezoek bij haar ouders, en vroeg de mama of ze al gekust hadden. Toen stonden mijn tenen op het einde van het programma zo krom dat mijn geliefde ze stuk voor stuk moest rechttrekken. Gelukkig is dat iets wat wij allebei fijn vinden, en schept dat een band.


Warme groet


Joël De Ceulaer


Top



Top


Uitkijkpost 23 maart 2019

"Beste Wouter Beke, het probleem zijn niet de rechtse populisten, maar partijen zoals de uwe"

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Wouter Beke,


Ik schrijf u met gevoelens van louter barmhartigheid, daartoe aangespoord door de spindoctor in mijzelf, die altijd klaarstaat om politici uit een benarde situatie te bevrijden – in uw geval: uit al dat gedoe na die rare tanktweet die u deze week verstuurde.


Het stond in vrijwel alle kranten: vlak voor uw vertrek naar Antwerpen liet u zich vorige dinsdag fotograferen naast een tank op een plein in uw thuisbasis Leopoldsburg. U zette die foto op Twitter met de mededeling dat u, gelet op al die granaten in de Scheldestad, ‘gepast vervoer’ had voorzien. Nu u na ongeveer honderd jaar in de Antwerpse oppositie zit, kan een grapje jegens het stadsbestuur er wel af, zult u gedacht hebben. Niet geheel onterecht. Zolang hij daar geen gewoonte van maakt, mag zelfs een christendemocraat al eens lachen – voor de precieze dosering verwijs ik u graag door naar Rik Torfs.


Helaas wist niet iedereen uw geintje te smaken. Burgemeester Bart De Wever vond dat u een gebrek aan klasse had vertoond, en in Villa Politica werd u op het matje geroepen als had men u betrapt op wildplassen in de parlementaire wandelgangen. Linda De Win trok bijna letterlijk aan uw oren met de waarschuwing dat u voortaan beter moet oppassen, en daarna kwam ene Wouter Verschelden met diepzinnige frons verklaren dat u met die tweet uw eigen ruiten had ingegooid. Gelet op het feit dat Twitter door sommige andere politici afwisselend wordt gebruikt als een galg, een schietkraam en een vuilnisbak, vond ik dat oordeel buiten proportie – alsof De Win en Verschelden in het kalifaat gasboetes zouden uitdelen aan IS-strijders omdat ze sigarettenpeuken op straat gooien. U stond bij die publieke vernedering op televisie maar wat schaapachtig te lachen.


Sta me toe dat ik u twee scenario’s voorstel om voortaan beter en slimmer te reageren. Voor het eerste baseer ik mij op de modus operandi van Bart De Wever zelf. Die is zeer eenvoudig: als je wordt aangevallen, hang dan eerst het slachtoffer uit en sla vervolgens dubbel zo hard terug. U had dat bijvoorbeeld kunnen doen door sluw aan te knopen bij de ‘yogasnuivers’ waar de N-VA-voorzitter het onlangs over had. Kent u de beroemde Humo-column nog waarin Tom Lanoye bekende Vlaamse homo’s, die toen nog in de kast zaten, outte door alleen de medeklinkers van hun naam te vermelden, met onder meer het showbizzkoppel ‘Lc pprmnt’ en ‘Brt Kll’? Wel, u zou zo’n lijstje kunnen maken van alle u bekende politici die zich weleens in een warm bad laten glijden en niet de aderen, maar de neusgaten wijd openzetten om wat weerbaarheid op te snuiven. U zou daar dan grijnzend aan kunnen toevoegen dat het toch al gauw een granaat of vijf per maand zou schelen mochten die luxegebruikers alvast stoppen met hun consumptie.


Tussen haakjes: ik ga er nu voor het gemak even van uit dat het aantal cokeheads bij uw partij significant lager ligt dan bij sommige van uw concurrenten – jazeker, ik geloof nog in de zelfbeheersing en algehele zedelijkheid van de modale christendemocraat.


Vandaar het tweede scenario dat ik u wil voorleggen, want met de BDW-strategie komt u nooit weg. Die is niet per se ongepast in de Wetstraat, maar ze past niet bij ú – u moet het anders aanpakken. U moet, mijnheer Beke, de smalle weg van het simpele fatsoen kiezen. De verkiezingen in Nederland bewijzen eens te meer dat het geen zin heeft om rechtse populisten achterna te hollen, om te zeggen dat ze de juiste vragen stellen maar de foute antwoorden geven. Dat zeggen we hier al dertig jaar, met alle bekende gevolgen vandien. Uw partijgenoot Pieter De Crem, die het stuur naar rechts wil trekken, heeft dat nog niet begrepen – hij is de man die tot bloedens toe met een hamer op zijn vinger blijft kloppen in de overtuiging dat het verhoopte pijnstillende effect ooit zal intreden.


Voorts lijkt het mij aangewezen om strenger op te treden als Hendrik Bogaert dreigt met een totaalverbod op de hoofddoek. Het volstaat niet om dan zuinigjes te mompelen dat zulks het partijstandpunt niet is, nee, u moet dat héél duidelijk maken – een beetje zoals u dat met Viktor Orbán hebt gedaan. Leg eens uit wat uw personalisme precies inhoudt, bijvoorbeeld – dat mag met filosofen en af en toe een moeilijk woord erbij. De kiezer wil meer dan een voorzitter die, zoals dat heet in uw jargon, “goede beslissingen” wil nemen “voor de mensen”. Dat is geen politiek. Politiek is dingen zeggen waar anderen het mee óneens kunnen zijn. Het probleem, mijnheer Beke, zijn niet de rechtse populisten. Het probleem zijn partijen zoals de uwe: gezapige clubjes vol politieke dutsen die bang zijn om altijd en overal de eigen koers te blijven varen. Doe daar iets aan.


U mag deze raad in de wind slaan. Maar weet dat de kiezer in staat is om de pin uit de granaat te trekken. En dan passen al uw verkozenen straks in die ene tank, daar op dat pleintje, bij u thuis in Leopoldsburg. Stuurt u ons een foto?


Ik wens u veel sterkte,


Joël De Ceulaer



Wouter Beke dient Joël De Ceulaer van repliek:

"Ooit wordt ‘redelijk’ het nieuwe sexy”

De Morgen

Beste Joël De Ceulaer,


Bedankt voor uw barmhartige advies in De Morgen van 23 maart.  Aan goede raad heeft een mens nooit te veel.


Over “de rare tanktweet” kan ik kort zijn. Een burgemeester die campagne gevoerd heeft met als slogan een ‘veilige thuis in een welvarend Antwerpen’ maar na 60 aanslagen in drie jaar moet toegeven de veiligheid niet onder controle te hebben, mag met een knipoogtweet al eens geprikkeld worden lijkt me. En het was meteen wat citymarketing voor mijn eigen gemeente: de Sherman-tank voor het station van Leopoldsburg staat er als een symbolisch aandenken aan de bevrijding van België en Nederland, 75 jaar geleden. Een gelegenheid die we dit jaar uitgebreid zullen herdenken!


Al vond ik het hele gebeuren eerder tragisch dan komiek. Mijn tweet werd door Villa Politica druk becommentarieerd, maar over de lancering van ons sociaal-economische plan, een dag eerder had mevrouw De Win geen enkele vraag. Meer dan een jaar hebben we daaraan gewerkt. Een plan om 240.000 mensen aan het werk te krijgen, van langdurig zieken tot jonge schoolverlaters. Dat bleek heel wat minder nieuwswaardig. Op 1 april brengen we ons masterplan rond mentale gezondheid. Met zoveel zelfdodingen, burn outs en depressies toch niet onbelangrijk, zou je denken. Maar ik kan u zo de weerslag in de media al voorspellen. Misschien moet ik Jo Vandeurzen en Bianca Debaets vragen uit een taart te springen, zodat ook dit wat aandacht krijgt.


Ik begrijp uw bezorgdheid volledig, meer nog, ik onderschrijf ze zelf ook. Het politieke debat wordt gekaapt door populisten, de Nederlandse verkiezingen bewijzen dat opnieuw. Het probleem is echter niet een gebrek aan fatsoenlijke ideeën. Eerder dat je er vaak niet verder mee komt dan ons ledenblaadje, de Ampersand. Al moet ik toegeven dat uzelf daaraan wel aandacht besteedt.


U vraagt mij om meer naar buiten te komen met onze ideologie, het personalisme. Dat doe ik voortdurend. Maar dan kaats ik wel de bal terug: geef ons dan ook het forum om dat te doen.


“Dat is toch geen nieuws”, zegt men dan. “Geef ons nu gewoon een goeie quote”.


Vandaag wordt een nieuwsartikel gemeten aan de ‘clicks’. In die businessmodellen liever polariserende titels die de verkoop doen stijgen dan genuanceerde artikelen die vertrekken vanuit fatsoen en respect. Die zullen wel ergens midden in de krant, weggezet tussen de reclame, een kantje van het blad krijgen.


Wat geldt voor politici, geldt ook voor andere mensen. Waarom krijgen alleen die roeptoeters van Schild en Vrienden, een documentaire en de voorpagina’s van zowat elke krant? Waarom geen forum geven aan de stille werkers, de mensen die symbool staan voor wat wél goed gaat? Ze zijn nochtans makkelijk te vinden. De probleemjongere die toch zijn school afmaakt dankzij die ene leerkracht. Iemand wiens leven gered werd omdat de ambulance perfect op tijd kwam. Het gezin dat zijn hond nog heeft omdat de brandweerman opnieuw naar binnen liep. En de volgende dag al een woning dankzij de burgemeester die dat ‘s nachts nog regelde. We zijn omringd door mooie voorbeelden van doodgewone dingen, maar geven alleen de extremen een forum. ‘In wat voor wereld leven wij eigenlijk’, hoor je de mensen dan vragen. Misschien wel in de beste die we ooit gekend hebben, denk ik dan. Voor wie de moed heeft het te willen zien.


Donderdag stel ik mijn nieuwe boek voor. Het heet ‘de Revolutie van de Redelijkheid’ en het gaat precies over wat ik hierboven vertel. Met een stevige personalistische saus erover. Ik waarschuw u nu al, u vindt er geen smeuïge quotes of beledigingen aan collega’s in terug. Alleen maar ‘saaie’ dingen, zoals een hoop toekomstplannen, uitgebreide analyses en diepe overtuigingen. Zal dat de de voorpagina van De Morgen halen? Allicht niet. Maar dat kan me ook niet schelen. Ik blijf optimistisch: vroeg of laat is redelijk opnieuw het nieuwe sexy. Vlamingen zijn nuchter genoeg om te beseffen wat echt is en wat niet. Om te zien wat ons als samenleving vooruit brengt en wat ons kapot maakt. En om te weten dat goed beleid zich niet in één catchphrase laat vatten.


U heeft 100% gelijk als u zegt dat de enige lijn die een christendemocraat moet volgen, deze van het simpele fatsoen is. Ook al lijkt het soms alsof niemand daar nog op zit te wachten. Ik zit nog liever alleen aan mijn Sherman-tank te mijmeren over de opkomst van populisme en extremisme, de gevolgen ervan en de inzet om die gevolgen te bekampen – want daar staat die tank symbool voor – dan ooit een andere weg te kiezen.


Top



Top


Uitkijkpost 30 maart 2019

"Beste Bart De Wever, u bent stilaan toch de Viktor Orbán uit de Aldi"

Joël De Ceulaer - De Morgen


Beste Bart De Wever,


U had erbij moeten zijn, afgelopen dinsdag, toen collega Jeroen Van Horenbeek met een brede glimlach de redactie kwam binnengeschreden terwijl hij een vorkhefliftje achter zich aan sleurde dat volgestapeld was met dozen Cola Zero, Antwerpse Handjes, confetti, slingers en een feesthoedje voor iedereen.


Wij kennen Jeroen als een nuchter man, die een ouderwetse vorm van elegantie combineert met ingetogen beroepsernst, maar die ochtend kon hij met zijn vreugde geen blijf. Omdat hij een strop rond zijn nek droeg, dachten wij eerst dat hij verhuisd was naar Gent en die heuglijke gebeurtenis samen met ons wilde vieren, maar toen het geroezemoes verstomde en hij op tafel sprong om ons toe te spreken, bleek het feestje een heel andere aanleiding te hebben.


“Bart De Wever heeft mij met de dood bedreigd”, riep hij uitgelaten. “Hij wil mij ophangen!”


En inderdaad. Toen hij ons het filmpje toonde van uw recente toespraak voor de bonzen van de vastgoedsector, hoorden wij u bij herhaling zeggen dat men de bedenker van de term ‘betonstop’ – onze achtbare collega, dus – zou moeten ophangen. Veel verder kun je het als journalist niet schoppen. Onder luid applaus hieven wij Jeroen op de schouders, en laafden wij ons aan al het lekkers dat hij had meegebracht.


Ook ik nam gulzig deel aan de feestelijkheden, inclusief het crowdsurfen, tot de hoofdredactie kwam aanzetten met het witte poeder waar de meeste collega’s zo verlekkerd op zijn – u weet: ik moet wat op mijn gewicht letten, dus pannenkoeken met bloemsuiker probeer ik te vermijden.


Terwijl ik huiswaarts reed, probeerde ik uw uithaal een plaats te geven in het geheel der dingen. De doodsbedreiging is in de mode, blijkbaar. Vooral ter progressieve zijde: denk maar aan wat Vlaamse entertainers zoals Stijn Meuris en Nic Balthazar de Amerikaanse president Donald Trump toewensen. Of aan de Nederlandse wereldverbeteraarster die tijdens een betoging tegen de Nederlandse politicus Thierry Baudet de slogan lanceerde: “Als je Thierry dood wil schieten, zeg dan paf!”


Uw trouwe en geestdriftige fans reageren meestal furieus op dat soort uitspraken en twitteren zich dan het schuim op de lippen. Terecht. Entertainers en beoefenaars van de satire kunnen zich zulke geintjes misschien permitteren, maar betogers die een politicus met de dood bedreigen: liever niet.


En als ik eerlijk mag zijn, mijnheer De Wever: uiteraard deel ik de vreugde van collega Van Horenbeek, maar toch vind ik dat ook ú het stilaan wat kalmer aan mag doen inzake het dood wensen van mensen die niet in uw kraam passen. Ik meld het u maar, omdat in uw entourage blijkbaar niemand dat nog durft. U wordt omringd door zoveel ja-knikkers dat een partijbureau wellicht de aanblik biedt van een headbangersconventie. Ook in de pers krijgt u geen tegengas meer, want u geeft alleen nog interviews aan journalisten die – zo stel ik mij dat stiekem voor – eerst nederig knielen om uw voeten te wassen. Ik zal niet zeggen dat u een dictator wil worden, maar u bent stilaan toch de Viktor Orbán uit de Aldi. Wat u er zelf allemaal uitslaat, zou u van anderen nooit aanvaarden. Mocht Kris Peeters u een warm bad en opengesneden aderen hebben toegewenst, dan zou u tijdens een inderhaast bijeengeroepen persconferentie vast in tranen zijn uitgebarsten.


Ik bedoel maar: empathie is een werkpuntje.


Maar dat allemaal nog terzijde. Veruit het opvallendste aan uw uithaal naar onze collega was het totale gebrek aan reactie van welke andere kranten dan ook. De u welbekende Philip Roose, een N-VA-sympathisant die ons dikwijls op conservatieve opinies trakteert op Doorbraak.be, liet op Twitter weten dat excuses van uwentwege op zijn plaats zouden zijn en dat de pers u, uit solidariteit met collega Jeroen, zou moeten boycotten. Voor het uitblijven van zo’n boycot zie ik twee mogelijke verklaringen.


Eén: de concurrentie wil Jeroen niet te beroemd maken, want hij werkt bij ons en niet bij hen. Zou kunnen.


Toch verkies ik mogelijkheid twee: u boezemt hen angst in, ze behandelen u zachter dan zou moeten. Als Trump of Orbán een journalist met ophanging zouden bedreigen, stond het op alle frontpagina’s. Als u zoiets zegt, wordt dat onder het tapijt geveegd. Raar.


Ik moet nu spontaan denken aan Het Nieuwsblad van maandag 5 september 2016, dat zwaar uitpakte met een Facebook-post van toenmalig CD&V-medewerker Youssef Kobo, met als mededeling dat Kobo mensen van Gaia “met de dood bedreigde”, terwijl zelfs een pas geslacht schaap nog kon zien dat die Facebook-post een Grapje was. En wat bleek vorige week: van úw uithaal viel in Het Nieuwsblad geen glimp te bespeuren.


U zegt? Die uithaal was ook maar een Grapje? Oké. Kan ik mee leven. Weet u wat? Ik doe mee! Ik ga mij een lachband aanschaffen, zodat ik die kan aanzetten als u in De Afspraak nog eens, ahum, kritisch wordt bejegend door Nieuwsblad-baas Liesbeth Van Impe.


Beleefde groet,


Joël De Ceulaer


Top




SiteLock