Covid-19


Als de maskers afgaan, spreken de gezichten


Hulde aan de zorgverleners die ons duidelijk maken waarom we de maatregelen willen blijven volgen ...



Artsen en verpleegkundigen van de covid-afdelingen in Uden (Bernhoven) en Breda (Amphia) lieten zich na hun dienst portretteren door fotograaf Jiri Büller. Met op hun voorhoofd soms nog het zweet van een nacht lang werken, vertellen ze over hun grootste worstelingen.


Foto's & Video Jiri Büller | Tekst Maud Effting & Willem Feenstra





'Ik heb dagen gehad waarop de ene na de andere patiënt overleed. Mensen zijn heel ziek. Heel eenzaam. Vaak ga ik gewoon even bij ze zitten en zeg ik niks.'


'Soms kun je ook niet zoveel zeggen. Sommige mensen pakken me vast. Dan zeg ik dat ze het goed doen. Ik leg een hand op hun schouder, op hun buik. Dan zie je ze rustiger worden. Vanuit mijn werk kom ik vaak dichtbij mensen.'


'Ik kom ook bij mensen van wie je weet dat ze zullen overlijden. Ze worden geregeld in slaap gebracht. Als iemand overlijdt, mogen er nog twee mensen bij om afscheid te nemen. Soms vragen familieleden: mag ik nou écht niet even naar mijn vrouw toe? Dan ben ik degene die moet zeggen dat dat niet mag. Dat vind ik heel hard. Het doet me heel veel. Je gunt mensen zo veel meer.'


'Ik schiet wel eens vol door wat er gebeurt, maar mensen mogen best zien dat ik tranen in mijn ogen heb. Ik zit al 32 jaar in de verpleging, maar zo heb ik het nog nooit meegemaakt. In het begin raakte het me zo dat ik ’s avonds thuiskwam en nergens meer naar toe wilde.'


'Dat mocht ook niet – dat kwam goed uit.'






'Het is alsof we hier in een horrorfilm zitten. Ik ben bij het laatste gesprek geweest van een vader met zijn zoon, voordat hij naar de intensive care moest. Via een videogesprek zei hij: dit is misschien de laatste keer dat ik je spreek. Het waren zijn laatste woorden. Ik weet nog steeds niet of hij wakker zal worden.'


'Soms overlijden er drie mensen achter elkaar tijdens een dienst. Als ik me terugtrek, dan komen de tranen om wat hier gebeurt. Soms huil ik achter mijn masker, als niemand het kan zien. Ik voel me machteloos. Je zet je honderd procent in voor je patiënten, maar het lot beslist of ze het overleven.'


'Mijn andere patiënte kon niet op de uitvaart zijn van haar eigen man. Ze lag hier in het ziekenhuis, terwijl kilometers verderop haar man werd begraven. Ze zei: ik wil de komende anderhalf uur even helemaal alleen zijn, mag dat? Daarna zocht ik haar op en vond ik haar met het bidprentje van haar man in haar armen. Huilend. Ze had het helemaal in haar eentje gedaan. Ik heb een arm om haar schouders geslagen.'


'Ik werk altijd op de poli, maar ik heb me meteen hier aangemeld. Ik zei: zet me alsjeblieft op de covidafdeling, ik moet iets doen. Hier ben ik nodig.’




Top



Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held
Covid-19 Held

Contact